BRON: De Standaard Online : DOORGEPRIKT STAAT NETJES. Oorlogspropaganda in vredestijd
Mia Doornaert
21/11/2003

WAT hebben -- om een geheel willekeurig en ad libitum aan te vullen lijstje op te sommen -- Saddam Hoessein, de vredesbeweging, 11.11.11, het Pentagon, Guy Verhofstadt en Osama bin Laden gemeen? Wel, ze streven heel verschillende doeleinden na, maar ze proberen ze wel met zeer vergelijkbare propagandatrucs te verkopen.

,,Propaganda'' doet onmiddellijk aan oorlogen en/of totalitaire regimes denken. De partijen in een oorlog willen immers niet alleen de veldslagen, maar ook de harten en geesten winnen. Propagandamiddelen zijn door totalitaire regimes als die van Hitler en Stalin geperfectioneerd, en ijverig overgenomen door een fascistisch regime als dat van Saddam met zijn personencultus, of door iemand als Bin Laden die oproept tot het vermoorden van ,,joden en Amerikanen''.

Maar ook niet-totalitaire regimes en formaties gebruiken de klassieke propagandatechnieken in conflicten. Die procédés zijn door de tijden heen merkwaardig constant gebleven. Ze werden woensdag nog eens opgesomd op de conferentie ,,Media en Conflict'' in het Brusselse Egmontpaleis, die werd georganiseerd door het Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen (KIIB), Pax Christi Vlaanderen, de Coordination nationale d'action pour la paix et la démocratie(CNAPD) en Grip.

Om te beginnen brengt de propaganda elk conflict terug tot een strijd tussen Goed en Kwaad. De beweegredenen van het eigen kamp zijn onvervalst nobel, die van het andere door en door slecht. De leider van het vijandige kamp wordt gedemoniseerd: hij is doof voor elke rede en alles is zijn schuld. De militairen van beide partijen zijn eveneens totaal verschillend. Van de goede soldaten hebben ook de burgers in het vijandige land niets te vrezen -- op affiches en vlugschriften worden ze nogal eens voorgesteld met een baby of kind op de arm. De slechte soldaten zijn dan weer beesten die zelfs kinderen aan de bajonet rijgen. Twijfelen aan het eigen kamp is zo goed als verraad. Kritiek op het eigen kamp kan niet oprecht zijn, en verbergt zeer onoorbare beweegredenen. Verdachtmaking, al of niet preventief, is een vaak gebruikt wapen tegen de critici.

Bij zo'n opsomming van, inderdaad al lang bekende, technieken kun je als journalist ineens een heel beklemd gevoel krijgen. Omdat je opnieuw gaat beseffen hoezeer die propagandatechnieken ook in vredestijd gebruikt worden en het politiek en maatschappelijk debat vervuilen.

Het begint al bij de massale toevlucht van de leider en sommige leden van onze regering tot ,,spin'' en andere propagandatechnieken. Een van die technieken is de verdachtmaking van ,,tegenstanders'', kritische journalisten incluis.

Wie bijvoorbeeld kritiek had op de nodeloze brokken die België in zijn relatie met de VS maakte, kon geen eerlijke bedoelingen hebben. Eerst was er een ,,christelijk'' complot aan de gang, dan ontwaarde Louis Michel een sombere ,,Vlaamse'' samenzwering van journalisten van deze krant en de openbare omroep.

Maar ziet, dinsdag toonde onze minister van Buitenlandse Zaken zich zo gelukkig als een kind. Hij had met Colin Powell kunnen praten, de crisis in de relaties was bijgelegd. En wat zei hij na de ontmoeting? Dat de problemen weinig te maken hadden gehad met onze kritiek over Irak en onze positie over Europese defensie, en des te meer met het misbruik van de genocidewet. Dat is precies wat deze krant al maanden schrijft. Maar dat was toen niet de officiële waarheid en dus werd de professionele integriteit van de schrijvers daarvan verdacht gemaakt.

Ook de reductie van een ingewikkeld vraagstuk tot een simplistische botsing tussen Goed en Kwaad wordt ons geregeld voorgeschoteld. Een opvallend voorbeeld van die propagandatactiek zijn de mediacampagnes van 11.11.11 van de jongste jaren. Aldus ook het tv-spotje van dit jaar over de vuige leider van een watermultinational die zijn bottom line verkiest boven het welzijn van miljoenen mensen in de derde wereld.

Op vroegere kritiek van demagogie reageerden de verantwoordelijken (DS 13 november) dat ze gewoon aan ,,uitvergroting'' doen ,,zoals alle reclamespots''. ,,Niemand denkt echt dat je met een bepaalde mobilofoonoperator vijf meter boven de grond zweeft'', geven ze als voorbeeld.

Dat 11.11.11 als het uitkomt de gehate commercie tot voorbeeld neemt, tot daar. Maar dan moet het er toch ook op letten dat de commerciële spots aan verleiding doen, niet aan hate speech en demonisering. Er zijn sympathieker en solidairder boodschappen denkbaar om het recht van alle mensen op betaalbaar drinkbaar water in de verf te zetten.

,,De vier Europese watermultinationals hebben negentig procent van de wereldwatermarkt in handen'', schrijft 11.11.11 nog, en de EU dient hun belangen in de WTO-onderhandelingen. Het zou dus realistischer zijn een Frans of Italiaans of Nederlands personage als harteloze kapitalist op te voeren. Maar zoiets zou het simpele zwart-witplaatje compliceren. En dat zou helemaal slechte marketing zijn nu de vredesbetogingen van dit voorjaar de problematiek van oorlog en vrede ook al gereduceerd hebben tot de strijd van de demonische Bush en het slechte Amerika tegen de rest van de wereld.

Ons binnenlands politiek gekrakeel bood deze week al evenmin soelaas voor wie graag ernstig debat wil in de plaats van propagandaslagen. Neem nu het cordon sanitaire. Gezien de scores die het Vlaams Blok blijft halen, is de vraag legitiem of het cordon, in zijn huidige vorm, niet averechts werkt. Maar hoe is een democratisch debat daarover mogelijk als je die vraag niet eens kunt stellen zonder er meteen van verdacht te worden dat je met die partij in zee wil?

De VLD-voorzitter vond zichzelf misschien heel flink toen hij Filip Dewinter een ,,mestkever'' noemde -- demonisering van de tegenstander is een typische propagandatruc. Maar diezelfde voorzitter en zijn partij durven uit schrik voor het Blok niet voor het migrantenstemrecht te stemmen. Steve Stevaert scheldt niet, maar confronteert het Blok daar waar het hoort, op het vlak van politieke waarden van integratie en openheid.

En wat kreeg de SP.A daarover te horen van de VLD-senator Jeannine Leduc? Dat de partij aan de leiband van de Franstaligen loopt en ,,Vlaanderen'' iets in de strot duwt wat het niet wenst. Dat is weer de truc van het zwart-witplaatje, van het verraad van het eigen ,,kamp''. Die terminologie geeft aan dat al de Vlamingen -- en dat zijn heus niet alleen SP.A-kiezers -- die geen reden zien waarom hun hardwerkende Marokkaanse kruidenier in ruil voor zijn belastingen niet tenminste een stem zou mogen hebben in de straatverlichting van zijn wijk, eigenlijk foute Vlamingen zijn. En dat van de weeromstuit het Blok dan bij de goede Vlamingen hoort. Cordon sanitaire, zei u?

Een van de thema's op de conferentie over Media en Conflict was ,,Het gebruik van propaganda in de media''. Zoals onvermijdelijk is, kon je ook daar kamergeleerden horen die journalisten verregaande medeplichtigheid aan allerlei politieke en militaire en commerciële belangen aanwrijven. De buitenwereld beseft echter niet altijd welk een dagelijkse stroom van propaganda en sound and fury op de redacties afkomt en daar tot zo evenwichtig mogelijke informatie gerecycleerd wordt. De ,,pers en media als bolwerk tegen propaganda'' zou ook eens boeiend conferentiethema kunnen zijn.

Mia Doornaert is redactrice van deze krant.

 

©Copyright De Standaard