Bron: De Standaard Online:  Navo moet missie in Afghanistan herbekijken - http://www.standaard.be/

Navo moet missie in Afghanistan herbekijken

Sven BiscopHaast niemand gelooft dat wat de Navo nu doet in Afghanistan, een duurzaam effect heeft. afp.

foto 2/2© NO BYLINE

 

 

SVEN BISCOP gelooft niet dat de Navo-missie in Afghanistan zoals ze nu loopt veel resultaat zal opleveren. Pas wanneer de missie een duidelijke strategie heeft en een haalbaar doel, is het voor België aangewezen om zijn deel van het werk op zich te nemen.

Enige tijd geleden werd ik door het ministerie van Defensie van een EU-lidstaat betrokken bij een scenario-oefening: hoe zal de internationale veiligheidsomgeving er uit zien in 2030? Het meest waarschijnlijke scenario volgens een kolonel van dat land: in 2030 zal de Navo nog steeds in Afghanistan zitten - en nog steeds zonder succes. Met andere woorden, als de Alliantie op 1 januari 2031 uit Afghanistan zou vertrekken, zou de zaak 's anderendaags in elkaar stuiken. Mijn reactie aan de kolonel: 'U zou best wel eens gelijk kunnen hebben. Maar als u dit echt gelooft, waarom zouden de troepen van uw land dan überhaupt blijven tot 2030?'

Deze anekdote illustreert de houding die ik meer en meer aantref in zowat alle Europese landen, zowel bij beleidsmakers als bij experts. Haast niemand gelooft dat wat de Navo samen met de andere betrokken actoren nu doet in Afghanistan, een duurzaam effect heeft. Dat betekent daarom nog niet dat men de Isaf-missie wil beëindigen, maar wel dat de huidige werkwijze volgens de meeste waarnemers niet tot blijvende resultaten leidt. Alleen lijkt geen enkele Navo-lidstaat dat formeel te durven toegeven, omdat dat lijnrecht tegen de VS zou ingaan. En dus stemt iedereen op de Navo-top in Boekarest in april opnieuw voor een mooie verklaring over Afghanistan, waarna er op het terrein weinig verandert. Ondertussen sneuvelen er echter wel soldaten in Afghanistan - hoe eerlijk is het je troepen te ontplooien als je eigenlijk niet echt meer gelooft in hun missie?

Deze situatie heeft verschillende oorzaken. Een reden is alleszins dat de huidige militaire aanwezigheid niet volstaat om het hele grondgebied onder controle te houden. Een Britse documentaire, die gedurende enkele maanden een eenheid volgde, toonde dat perfect aan: de Britse troepen bevrijdden een dorp, vertrokken dan, om enkele weken later hetzelfde dorp opnieuw te bevrijden enz. enz. Zoals een hoge Amerikaanse militair me vertelde: dit is een patstelling die nog jaren kan duren. De Taliban kunnen de Navo niet verslaan, maar de Navo kan ook de Taliban niet verslaan. Uiteraard is het militaire enkel een middel en geen doel op zich. Maar het scheppen van militaire veiligheid is wel een voorwaarde om het vereiste politiek, sociaal en economisch beleid te kunnen voeren.

Een substantiële verhoging van het aantal troepen, meer dan enkele honderden infanteristen hier en enkele gevechtsvliegtuigen daar, valt echter niet te verwachten. De Europese landen zitten aan de limiet van hun ontplooibare capaciteiten, gelet ook op hun engagementen in andere landen, zoals Kosovo, Libanon en Tsjaad. De enige mogelijkheid lijkt een terugtrekking of drastische vermindering van de Amerikaanse aanwezigheid in Irak, zodat de troepen naar Afghanistan verplaatst kunnen worden.

Daarmee is meteen een andere oorzaak van de huidige malaise vermeld. Van Afghanistan een centraal, goed bestuurd en min of meer democratisch land maken was sowieso een aartsmoeilijke opdracht. Maar toen een aantal van ons ook nog eens Irak binnenvielen, werd het misschien een onmogelijke opdracht. Niet alleen door het gebrek aan capaciteit om twee grootschalige operaties tegelijk te ondernemen, maar ook omdat als gevolg van de inval in Irak en de daaropvolgende burgeroorlog het internationale klimaat zich tegen alle als westers geziene interventies keerde. Elke aanslag in Irak inspireert ook degenen die zich in Afghanistan tegen President Karzai en de Navo verzetten.

Tegelijk mogen we niet vergeten dat in 2001 iedereen de inval in Afghanistan volmondig steunde. Iedereen was het erover eens dat Al-Qaeda de 'veilige haven' in Afghanistan ontzegd moest worden en het Taliban-regime, dat hen gedoogde, afgezet. Daardoor werden we meteen ook verantwoordelijk voor het bestuur van het land.

Dit is dus geen simpel pleidooi voor een terugtrekking, maar wel voor een fundamenteel strategisch debat over de doelstellingen van ons engagement. Is de huidige doelstelling om Afghanistan om te vormen tot een democratische staat überhaupt nog haalbaar, in het licht van de internationale context en onze eigen capaciteiten? Zo ja, wat moet er dan veranderen aan onze aanpak? Zo nee, wat kan dan een bescheidener doelstelling zijn die wel haalbaar is? Kan er onderhandeld worden met de Taliban? Kan de poort tussen Pakistan en Afghanistan gesloten worden? Moeten we meer zeggenschap eisen over de beslissingen van de regering Karzai (bijvoorbeeld bij de aanstelling van gouverneurs)? Er zijn helaas geen eenvoudige antwoorden op deze vragen. Misschien kan het westen best leven met een minder democratisch Afghanistan, mits garanties dat het geen schuiloord biedt aan terroristische groepen (en misschien zelfs onze special forces toelaat op het grondgebied te opereren). Net zoals trouwens vandaag in Irak de feitelijke toestand niet beantwoordt aan het soort regime dat de VS aanvankelijk voor ogen hadden. Maar dat is natuurlijk geen aangename boodschap voor die Afghanen die wél tevreden zijn met onze aanwezigheid daar.

Prioritair is alleszins dat dit debat over de doelstellingen van die aanwezigheid ten gronde gevoerd wordt, zodat we nadien zeker zijn van de zaak waarvoor we onze troepen naar risicovolle gebieden sturen.

Het Belgisch debat over het uitzenden van de F16's moet in deze bredere context bekeken worden. Vooraleer de Navo zich fundamenteel beraden heeft over de aanpak en vooral de objectieven van Isaf, was het misschien minder aangewezen om extra troepen te zenden. Maar als zo'n debat kan leiden tot een consensus over een aangepaste of nieuwe strategie, moet ook België daaraan - blijven - bijdragen, ook als dat gevechtsoperaties impliceert. Dat is niet alleen een kwestie van geloofwaardigheid tegenover onze Navo- en EU-partners. Uiteindelijk kunnen in een gemondialiseerde wereld België en Europa alleen veilig blijven als ook de rest van de wereld stabiel blijft - een 'veilig Europa in een betere wereld', zoals de Veiligheidsstrategie van de Europese Unie het stelt. Dat betekent niet dat ons land aan alle operaties moet deelnemen, maar wel dat we, als we echt overtuigd zijn van het nut van een operatie, af en toe ook bereid moeten zijn risicovolle opdrachten op ons te nemen.



Prof. Dr. Sven Biscop is als senior research fellow verbonden aan Egmont - Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen in Brussel en doceert Europese veiligheid aan het Europacollege in Brugge en aan de Universiteit Gent